9e Jaargang, woensdag 16 januari 2019
bouwprojecten

Het nieuwe rioolgemaal in Blijdorp

Rotterdam, 18 januari 2012

Ten behoeve van de in den Polder Blijdorp te stichten bebouwing, zoomede van het westelijk gedeelte van den Bergpolder en het stadskwartier tusschen de Rotterdamsche Schie en den Proveniessingel een nieuw gemaal moeten worden gesticht. Voor den afvoer zal daarbij gebruik worden gemaakt van de afvoerleiding van het gemaal op den Heemraadssingel, waarmede het nieuwe gemaal door een persleiding zal worden verbonden. Van die persleiding is ingevolge het raadsbesluit van 14 juli j.l. reeds dat gedeelte gelegd, waarvan het tracé als vaststaand kon worden aangenomen. Overigens is de uitvoering van de vereischte werken, alhoewel daarbij volgens den aanvankelijken opzet in hoofdzaak slechte de reeds aan de gemeente in eigendom toebehoorende terreinen zijn betrokken, nog niet ter hand genomen omdat B. en W. aan den architect Kromhout opdracht hebben verstrekt tot het ontwerpen van een bebouwingsplan voor den polder Blijdorp en uiteraard met de mogelijkheid moest worden gerekend, dat in verband daarmede wijzigingen van het voor het nieuwe gemaal aangehouden plan wenschelijk zou blijken.

Met het oog daarop heeft de directeur der gemeentewerken zoowel omtrent de plaats als het uiterlijk aanzien van het nieuwe gemaak met den heer Kromhout overleg gepleegd. Daarbij is gebleken, dat de aanvankelijk ontworpen situatie aan den noordoostkant van het in den polder Blijdorp ontworpen park ook in het door de heer Kromhout ontworpen plan past en dat deze architect zch met het door den directeur opgemaakte ontwerp van het gebouw alleszins kan vereenigingen. Voor verder opschorting van den bouw is thans alzoo naar de meening van B. en W. geen reden meer aanwezig.

Blijkens de teekeningen bevat het gebouw op den beganegrond een machinehal, een werkruimte, een transformatorenkamer, een schepruimte, een bergplaats voor de afdeeling plantsoenen, zoomede een schaftlokaal voor de werklieden van de plantsoenen en van het gemaal. Bovendien is op de beganegrondverdieping nog een openbare privaatinrichting ontworpen, bestaande uit een kamertje voor toezicht, 4 privaten en 3 urinoirs voor mannen en 4 privaten voor vrouwen. De kelderverdieping bevat de pompenruimte en een vuilvischbassin.

De kosten van het gebouw worden door den directeur geraamd op 124.00,- Fl. en die van mechanische inrichting, waarvan de uitvoering tegelijk dient te worden aangevat, op 110.000,- Fl. Verder zal voor den toegangsweg, waarvan het zand later in het stratenplan kan worden gebruikt een bedrag van 20.000,- Fl. zijn vereischt.

Zoowel de commissie voor de plaatselijke werken als die voor de financiën hebben zich met het voorstel van den directeur vereenigd. In laatstgenoemde commissie is intusschen nog de vraag geopperd, of de op het gebouw ontworpen koepel voor practische doeleinden noodig is, dan wel uitsluitend voor verfraaiing dient. In verband daarmede heeft de directeur nog nader gerapporteerd, dat van een koepel in den gewonen zin van dit woord in deze eigenlijk niet kan worden gesproken, doch dat het gebouw wordt afgedekt door een hoog dak, terwijl het plafond daartegen in boogvrom is aangebracht. Bij toepassing van een dak, zooals ook door den directeur is overwogen, zou echter de voorgevel over de geheele lengte tot de volle hoogte moeten worden opgetrokken, terwijl voor de overkapping toch ook een vrij zware constructie noodig zou zijn. Het aanbrengen van een plat dak zou dan ook niet goedkoper uitkomen, terwijl de architectuur bij een boog dak aanmerkelijk beter is. Vervanging van het gebogen plafond door een vlak met gebroken rechte lijn zou daarbij een besparing van nog geen 100,- Fl. geven.

uit:
Rotterdamsche Courant
zondag 11 juni 1922
ochtendblad, C