9e Jaargang, woensdag 20 februari 2019
bouwprojecten

De scheurende huizen van het Borchershof

Rotterdam, 2 december 2012

De rij huisjes, alle gelijkvloersch, van het Borchershof of ‘Strooien Dorp’ aan den Lage Westzeedijk, die tengevolge van het opspuiten van het onmiddelijk aan dit hofje grenzende terrein bedenkelijke scheuren vertoonden, zijn door de bewoners ontruimd en zullen met den grond gelijk gemaakt worden. of zijn dit misschien reeds, als dit Nieuwsblad den lezer bereikt.

Teneinde te voorkomen dat de huisjes bij verdere werkzaamheden van de opspuiting voorover zouden vallen en de daartegenover liggende huizen beschadigen of wellicht op het smalle hofje persoonlijke ongelukken veroorzaken, zijn zij aan den voorgevel gestut, waarna men aan den achtermuur met afbreken begon.

Dat ging heel ouderwetsch in z’n werk: net als bij de inneming van Den Briel (1 april 1572) rameiden de sloopers met een balk den muur. Het viel nog niet mee. Hoe bouwvallig deze huisjes er ook uit zien, het mestelwerk van dien achtermuur bleek nogal stevig te zijn en verscheidende malen moest de stormloop met den zwaren balk herhaald worden eer de zooveel – jaren-den-mensch-beschermd-hebbende steenen bezweken en de oude kalk hen losliet.

De aanhouder wint evenwel en in de loop van den morgen vertoonde de achtermuur al op verscheidene plaatsen groote bressen en vielen er hier en daar al stukken van de daken in. Het zal niet lang duren of de bewoners der tegenoverliggende huizen krijgen een ruim uitzicht, maar misschien zullen die huizen er dan ook spoedig aan moeten geloven.

uit:
Rotterdamsch Nieuwsblad
16 juli 1924

Zie hierboven hetgeen er hedenmorgen nog van de scheurende huizen van het Borchershof, meer bekend als ‘Het Strooien Dorp’, aan den Lage Westzeedijk was overgebleven. Bij de huizen aan den overkant neemt men ook reeds bedenkelijke verschijnselen waar, die er op wijzen, dat het niet lang zal duren of ook zij zullen het ‘verdwenen Rotterdam’ behooren. Een groot verlies voor onze stad zal het intusschen niet zijn.

uit:
Rotterdamsch Nieuwsblad
17 juli 1924