9e Jaargang, woensdag 16 januari 2019
bouwprojecten

De Nederlandsche Handels-Hoogeschool

Rotterdam, 25 februari 2013

Bij de afbeelding van het tijdelijk gebouw der Nederlandsche Handels-Hoogeschool, dat verrijzen zal aan den Pieter De Hooghweg alhier, kan als toelichting het volgende worden medegedeeld: Architecten zijn de heeren Van der Heyden en Van Nieuwenhuyzen.

Over het geheel werd er naar gestreefd een solide gebouw te ontwerpen, dat zou voldoen aan de door het onderwijs gestelde ruimte-eischen, maar dat gebouwd zou worden uit de meest eenvoudige materialen met vermijding van alle overbodige uitgaven en luxe.

De kosten van het gebouw, volgens dit door den Raad van Beheer goedgekeurd nieuw ontwerp, werden geschat op Fl. 213.000,- die van den inventaris op Fl. 40.000,- Voor den grond benodigd zijn ca. Fl. 128.000,-

De Raad van Beheer besloot de gelden, benoodigd voor den aankoop van den grond en den bouw van het gebouw, te vinden gedeeltelijk uit een op den grond en het gebouw te vestigen hypotheek en verder uit een onder vrienden van de Hoogeschool onderhands te plaatsen 5% obligatieleening, welke in 15 jaar afgelost zou worden.

Het gebouw bevat de volgende groepen van localiteiten:

I.
zeven collegezalen A-B;

II.
vijf oefeningzalen met bijbehoorende kabinetten voor de docenten, benevens een boekhoudkundig practicum;

III.
twee laboratoria, waarvan één hoofdzakelijk voor practische oefeningen in warenkennis, met bijbehoorende bergruimten, kabinet voor docenten enz;

IV.
de bibliotheek, omvattend leeszaal, studiezaal, bureauboekenruimte en bergruimte voor het economisch archief;

V.
twee localiteiten voor verzamelingen, één van handelswaren en één op het gebied van de economische aardrijkskunde, het verkeerswezen en de geologie;

VI.
verschillende andere vertrekken, .a. een kamer voor de docenten, een senaats- tevens examenkamer, een kamer voor den rector-magnificus, een vergaderzaal voor curatoren, en raad van beheer, de noodige administratieruimten, benevens een restauratiezaal;

VII.
een woning voor den concierge en verdere dienstruimte. Met het oog op gevaar van brand zijn de bibliotheek, het economisch archief en de aan te leggen verzamelingen, zooveel mogelijk ondergebracht in den zuidelijken vleugel, de laboratoria en de woning van den concierge in den noordelijken vleugel. Slechts de warn-verzameling, welke het materiaal heeft te leveren voor het onderwijs en de practische oefeningen in warenkennis is in denzelfden vleugel als de laboratoria ondergebacht. De bergruimten voor de boeken en voor het economisch archief zijn bovendien zooeveel doenlijk brandvrij.